Niet weer dat kerstverhaal!

Overweging bij 1 Samuel 3, Lucas 2 en ‘You want it Darker’ van Leonard Cohen
Kerstavond 2025

Ah nee hè, niet weer het Kerstverhaal! Ik kan me voorstellen dat sommigen van jullie dat denken. Dat zoetsappige gedoe met engeltjes en herdertjes en een kindje… het staat zo ver af van de wereld zoals die is, het is een sprookje, een praatje voor de vaak. Want vrede op aarde, hoe zo vrede op aarde? Van godsdienst komt toch alleen maar oorlog?

Oh heerlijk, weer even het Kerstverhaal. Ik kan me ook voorstellen dat sommigen van jullie dat denken. Hoe in dat stalletje allerlei mensen samenkomen rondom een kwetsbaar kindje. Er schijnt licht in het donker en dat is hard nodig. Vrede op aarde, laat het horen, zo blijven we vertrouwen dat het kan. Het is echt zo’n verbindend verhaal!

Beide meningen waren ondenkbaar in de tijd dat Lucas zijn Jezusbiografie opschreef. Niet omdat mensen toen veel minder ontwikkeld waren en daarom nog volop in sprookjes geloofden. Maar omdat wat we lazen helemaal niet bedoeld is als losstaand kinderverhaaltje. Het is betekenisvolle literatuur met een duidelijke agenda. Wij zijn zo gedrenkt in kerststalletjes en zoete liedjes en ‘ah dat kindje’ dat we niet eens meer kunnen zien wat er nu eigenlijk staat.

Het kerstverhaal is dan ook geen verhaal voor kinderen, want de Bijbel is niet voor kinderen geschreven. En het is ook geen verhaal voor mensen die in sprookjes geloven. Al is er natuurlijk niets mis met sprookjes en andere verhalen.

Het kerstverhaal dat we lazen past helemaal bij de manier waarop in die tijd in Rome serieuze biografen een biografie schreven. Het is dan ook geen op zichzelf staand verhaal, maar het begin van een levensbeschrijving. Romeinse lezers waren eraan gewend dat de hoofdpersoon een bijzondere jeugd kreeg toegedicht, waarin de belangrijkste karaktereigenschappen van de latere volwassene al zichtbaar waren. Daar was het uiteindelijk om te doen.

Het geboorteverhaal dat we lazen past ook helemaal bij de manier waarop in de Joodse religieuze geschriften verteld wordt over de geboorte en achtergrond van belangrijke religieuze personen. Bij de aartsvaders, Mozes, David, Samuël; steeds was het een dubbeltje op zijn kant of ze waren er helemaal niet geweest. Ze zijn niet afkomstig uit de maatschappelijke of bestuurlijke bovenklasse. En het is steeds aan de volharding en het vertrouwen van vrouwen te danken dat ze het levenslicht zien.

‘Ah nee hè’, of ‘oh heerlijk’, ik leg het kerstverhaal vanavond uit als een verhaal voor verstandige volwassen mensen. Als je gelovig bent spreekt het je misschien aan omdat het over die God en Jezus gaat die je vertrouwd zijn. Als je niet gelovig bent spreekt het je misschien aan omdat het literatuur is, een fraai kunstwerk, een historische tekst uit onze wereldgeschiedenis.

Ik heb van deze ‘overdenking’, een drieluik van gemaakt vanavond. Dat is van oudsher de naam van een schilderij of beeldhouwwerk dat bestaat uit drie panelen. Een middendeel dat centraal staat, en dan links en rechts de twee andere delen. Die waren dan elk aan de binnenkant van een luik bevestigd dat je kon dichtklappen, vandaar drieluik. Het centrale deel was het belangrijkste, en de kunstwerken links en rechts hingen daar dan mee samen, breidden het verhaal uit, geven context of commentaar.

Het middendeel van mijn gesproken drieluik is het Kerstverhaal van Lucas. Dat staat centraal. Het linkerpaneel is het verhaal van Samuël, en het rechterpaneel is het lied dat na de overdenking klinkt: You want it darker, van Leonard Cohen. Het thema is Hineni.

Eerst maar eens naar dat linkerpaneel. Een jongetje ligt in de nacht te slapen in het belangrijkste heiligdom van God. Shilo is de plek waar mensen uit het hele land komen om te offeren, om een gevoel van heelheid en verbinding te ervaren met God, met zichzelf en met elkaar.

Maar als je leest wat eraan voorafgaat dan snap je waarom de schrijver over de nacht waarin ons jongetje slaapt, opschrijft dat het lampje in het heiligdom nog niet is uitgegaan. Je zou verwachten dat al het licht was verdwenen. Want het is een zooitje in het heiligdom, hebzucht en egoïsme vieren hoogtij onder de leiders, en dan weet je het wel: wat heilig is wordt ontheiligd, en wat verbonden is wordt uit elkaar gespeeld.

Het jongetje dat ligt te slapen is Samuël. Hij is door een wonder ter wereld gekomen. Zijn moeder kon geen kinderen krijgen, en smeekte jaren terug ten einde raad bij hetzelfde heiligdom om hulp van God. Want ook toen was ongewenste kinderloosheid een last, het was een stigma want wat zou je verkeerd hebben gedaan dat jij geen kind had. En het was een grote zorg, want wie zou er voor jou zorgen en je in huis nemen als je oud geworden was? Hanna, zo heette ze, beloofde dat als zij een kind zou krijgen, ze het aan God zou toewijden.

En zie, Hanna en haar man raakten tegen alle verwachting in toch in verwachting. Ze kregen een zoon die ze Samuël noemden. Zoals beloofd ging hij op jonge leeftijd hij helpen in het heiligdom. En later groeit hij dan uit tot een van de beroemdste leiders van het land op zowel politiek als religieus gebied.

Jezus is dus niet de eerste in de geschiedenis van wie verteld wordt dat zijn moeder door een wonder in verwachting raakte. Het is een bekend thema uit de Bijbelse literatuur: God verbindt zich aan de wereld via gewone mensen en op onwaarschijnlijke manieren. De Eeuwige creëert toekomst waar geen toekomst lijkt te zijn. Juist daar waar scheurtjes en breukjes ontstaan kiert zijn licht naar binnen waardoor iets nieuws kan ontspruiten.

Hoe verbindt God zich aan de wereld? Door te horen naar het roepen van mensen, zoals Hannah die in haar wanhoop riep.

Maar God roept ook zelf.

Als de nacht op zijn donkerst is, de slaap zo diep dat alles lijkt vergeten, het licht letterlijk en figuurlijk bijna gedoofd is, dan roept God. En Samuël antwoordt: hier ben ik, hineni is dat in het Hebreeuws. Het is zijn eerste antwoord, nog voor hij erover na heeft kunnen denken, zo lijkt het. Het zuivere antwoord vanuit zijn ziel.

Hineni. Hier ben ik; ‘present’ zou je ook kunnen zeggen. Dat is nodig, want pas als een mens antwoordt op de roep van God, komt er verbinding, kan er toekomst ontstaan, kan er iets nieuws beginnen. Alleen Gods roepen is niet genoeg, er zijn mensen nodig die die roep beantwoorden, die zich beschikbaar stellen om aan de verbinding gestalte te geven in hun gedrag. En God blijft roepen, hoe donker het ook wordt. Het lichtje blijft branden, hoe zwak ook misschien.

We gaan naar het middenpaneel.

Want is er toch met dat kind aan de hand, dat kind wiens geboorte als een wonder, als een uniek en bepalend moment in de geschiedenis wordt neergezet? Nou, trompetgeschal, engelenkoren, licht in de nacht: dit haveloze kindje in de kribbe is God zelf.

En ook dat is zo vaak herhaald dat de scherpe kantjes er volledig van zijn afgesleten. Zoon van God? Jaja het zal wel. Christus? Hmm hmm, wil je me de boter doorgeven?

In de oudheid was het niet per se vreemd. Een God die mens wordt? Dat doen de goden voortdurend in de Griekse mythen. Zeus doet alsof hij een mens is, oefent links zijn invloed uit en verwekt rechts en passant nog even een kindje en verandert weer in een God zodra hij er zat van is.

Maar het verhaal van dit kindje is compleet anders. Hier is een God die het goddelijke naast zich neerlegt, er afstand van doet, en alle beperkingen aandoet van wat mens-zijn betekent, geen nooduitgang, een heel leven van de persweeën tot en met de doodsreutel.

Dat is voor wie gelooft elke keer weer een eye-opener, maar ook als je het ziet als een verhaalplot is het fascinerend. Ja er zijn ook Romeinse keizerbiografen die bepaalde goddelijke krachten aan keizers hebben toegekend, maar dat was om die keizers een aureool van goddelijkheid en macht te geven dat ze bij leven toch al hadden.

Maar de hoofdpersoon uit deze biografie zal geen keizer worden. Kijk nou wat voor een achtergrond hij heeft, en straks groeit hij op in een middenstandsgezin in Galilea. Met politiek wil hij als volwassene niets te maken hebben, hij wordt een rondtrekkende leraar die briljante verhalen vertelt en een ethiek aanleert die draait om barmhartigheid, gerechtigheid en omzien naar anderen. Hij bekommert zich niet om koningen en machthebbers maar om armen, zieken en zonderlingen.

Ja natuurlijk mag je er een kerstverhaal van maken en je hart warmen rondom dat kindje in de kribbe. Maar in wezen is het revolutionair, ongekend wat hier wordt verteld. Door iemand die drommels goed weet wat hij doet. God legt het goddelijke af en gaat de beperkingen van een mens binnengaat, als dat aan het begin verteld wordt, let je als lezer verdomd goed op wat er daarna gebeurt.

Vrede op aarde, zingen de engelen. En wij glimlachen in de warme glans van het stalletje en knikken instemmend mee.

Maar Lucas bedoelt dit niet als een geruststellende wens. In Romeinse oren was ‘vrede’ geen poëtisch woord, maar een politieke claim. Vrede was wat de keizer bracht, met legioenen, belastingen en onderdrukking. En precies daar zet Lucas dit kind tegenover. Niet als een privé-troost voor individuele zielen, maar als een alternatief verhaal over hoe vrede ontstaat.

Niet door macht die afdwingt, maar door een leven dat zich onttrekt aan de logica van geweld, eer en succes. Dat dit kind vrede brengt, betekent niet dat de wereld vanaf dat moment vredig werd. Het betekent dat vanaf dit moment, in dit leven, zichtbaar wordt hoe vrede er wél uitziet, en hoe alles wat zich vrede noemt daaraan wordt gemeten.

Het revolutionaire van Jezus’ leven zit hem niet in de wonderverhalen. Het revolutionaire zit hem in het beeld van een God die vrijwillig het donker van de wereld binnengaat en midden in dat donker tegen mensen in het donker zegt: hier ben ik. En ik blijf, ook als het donker niet weggaat.

Hier ben ik als mens onder de mensen, wil je mij zien kijk dan niet naar het centrum van de macht, kijk dan niet naar het midden van het podium, kijk dan niet naar de mooiste, de beste, de sterkste, de succesvolste, nee kijk naar mij, hier in het gezicht van dat kind dat niemand iets kan schelen. Hier ben ik. Wat doet dat van binnen met jou?

En als je de mensen ziet waar Jezus naar omkijkt in zijn leven, breid het dan maar uit, hier ben ik zegt God, in het gezicht van dat slachtoffer dat is behandeld als een ding, als iets waardeloos en inwisselbaars. Breid het kerstverhaal maar uit, dat kind in de kribbe waarin God zegt hier ben ik staat voor alle kinderen op de wereld waarvoor geen plek is, voor de kinderen in landen elders en de kinderen van landgenoten die ons geen bal kunnen schelen. Hier ben ik zegt God.

Antwoorden wij daarop door weg te kijken? Of zeggen wij op onze beurt: present? Vrede op aarde zal beginnen bij mij, hier, nu, vanaf vandaag? Ook al weet je bij voorbaat dat dit niet de makkelijke weg is, de weg van de vrede?

En zo komen we bij het rechterpaneel. Leonard Cohen schreef het lied aan het einde van zijn leven. You want it darker. De tekst staat afgedrukt in het boekje.

Het lijkt of hij in dit lied tegen God praat. Hij zegt daarover in een interview*: ik heb mezelf nooit gezien als religieus. Net als zovelen van ons strompel ik maar een beetje voort op dat gebied. Af en toe heb ik de genade gevoeld van een andere aanwezigheid in mijn leven, maar ik kan daar geen systeem op bouwen. Het is een woordenschat waar ik mee ben opgegroeid, het mij vertrouwd. Vroeger begreep iedereen die verwijzingen maar nu niet meer, maar het is nog steeds mijn taalgebruik.

Hij praat tegen God, die in dit lied als de grote tegenovergestelde van de mens wordt neergezet. En God wordt ter verantwoording geroepen. Als jij dan de grote God bent, waarom al dat geweld, al dat lijden, waarom het misbruiken van godsdienst om al die ellende te rechtvaardigen? Waarom is het steeds hetzelfde liedje en waarom blijven die miljoenen gebeden onbeantwoord?

En toch is ook het refrein van dit lied Hineni, I’m ready, my Lord. Te vertalen als ‘Hier ben ik, present, mijn God.’

Waar hij het vandaan haalde? Hij kon daar niet echt antwoord op geven. Maar hij noemde dat ‘hineni’ een verklaring van bereidheid, wat de uitkomst ook is. Dat hoort bij ieders ziel, zei hij, we worden allemaal gedreven door een diep verlangen om te dienen, om jezelf aan te bieden op het moment, op het beslissende moment waarop de nood duidelijk wordt. Pas wanneer je die nood duidelijk kunt onderscheiden, merken je die bereidheid om te dienen bij jezelf op.

En zo maakt Cohen het, met het gebruik van religieuze taal, universeel. We hebben het allemaal in ons om hineni te zeggen, het is zelfs onderdeel van wie we zijn als mens.

‘Ah nee hè, niet weer het Kerstverhaal!’ Aan jou de uitnodiging om het als een volwassen verhaal te zien, dat gaat over iets universeels: het beroep dat de vrede op jouw geweten doet, een appèl dat uitgaat van de gezichten die je liever niet ziet en de verhalen die je liever niet hoort. Al die onbeantwoorde gebeden, hoon ze niet weg alsof ze het bewijs zijn van een god die niet bestaat en al te goedgelovige mensen, maar probeer zelf een antwoord te zijn op het gebed van een ander. Hineni.

‘Oh heerlijk, weer even het Kerstverhaal!’ Aan jou de uitnodiging om het licht dat je zoekt, en de vrede waarover je graag hoort, door te geven ook als het geen Kerstfeest is. Het wordt niet pas vrede als de wereld verandert, of als de mensen een beetje beter na gaan denken, of als de leiders die hun geld en macht misbruiken nou eens tot inzicht komen. Vrede begint, licht breekt
door de barstjes van de wereld, in jouw hineni.

You want it darker – Leonard Cohen
If you are the dealer, I’m out of the game
If you are the healer, it means I’m broken and lame
If thine is the glory, then mine must be the shame
You want it darker
We kill the flame

Magnified, sanctified
Be the holy name
Vilified, crucified
In the human frame
A million candles burning
For the help that never came
You want it darker

Hineni, hineni
I’m ready, my Lord

There’s a lover in the story
But the story’s still the same
There’s a lullaby for suffering
And a paradox to blame
But it’s written in the scriptures
And it’s not some idle claim
You want it darker
We kill the flame

They’re lining up the prisoners
And the guards are taking aim
I struggle with some demons
They were middle class and tame
I didn’t know I had permission
To murder and to maim
You want it darker

Hineni, hineni
I’m ready, my Lord

Magnified, sanctified
Be the holy name
Vilified, crucified
In the human frame
A million candles burning
For the love that never came
You want it darker
We kill the flame

If you are the dealer, let me out of the game
If you are the healer, I’m broken and lame
If thine is the glory, mine must be the shame
You want it darker

Hineni, hineni
Hineni, hineni
I’m ready, my Lord

*https://www.leonardcohenfiles.com/darkerlaunchevent.pdf